De rups en de vlinder

Je ziet hieronder het hele verhaal van de rups naar zijdevlinder “Van de rups en de vlinder” uit het magazine “Over Zijde” welke ik in 2017 publiceerde ter gelegenheid van het 35 jarig bestaan van ZIJDAR.

De officiële naam is de Bombyx Mori, een vlinder uit de familie van de echte spinners (Bombycidae) met de toevoeging Mori. Mori staat voor de moerbei, een boomsoort waarvan de bladeren dienen als enig voedsel voor de zijderups.Het grootste deel van de zijdeproductie komt uit China en van de Bombyx Mori zijderups – Mulberry Silkworm.

Bombyx Mori

Op deze bladzijden zie je hoe het hele verhaal van rups naar zijdevlinder in zijn werk gaat. De officiële naam is Bombyx Mori, een vlinder uit de familie van de echte spinners (Bombycidae) met de toevoeging Mori. Mori staat voor moerbei, een boomsoort waarvan de bladeren dienen als enig voedsel voor de zijderups. Het proces van het kleine rupsje tot de sterke, zachte en prachtige zijdedraad is een wonder op zich. Zijderupsen zijn naast de honingbij en de cochenilleluis de enige insecten die door de mens om hun product gecultiveerd worden.

1 De vlinder legt plm. 300 eitjes, geelachtig van kleur en zo klein als een speldenknop.

Na 5-7 dagen komt het eitje uit. Het rupsje is 3 mm groot en weegt 0,47 milligram. Wanneer de eitjes koel gezet worden kunnen ze ook tot een volgend seizoen bewaard worden om dan pas uit te komen.

2 Het rupsje eet en groeit, groeit en eet constant, vijf dagen lang totdat zijn vel te klein wordt, zijn gewicht is inmiddels 6.6 milligram. Hij gaat een dagje in rust, vervelt voor de eerste keer en gaat weer verder met eten en groeien.

In ongeveer 3 weken is hij gegroeid van 0,47 milligram tot 5 gram(!) en is inmiddels 4 keer verveld.

3 Dan volgt er een periode van 8-9 dagen eten waarbij de rups alle voedsel omzet in vloeibare zijde die in twee spinklieren in zijn lichaam wordt opgeslagen. Deze klieren eindigen in spinopeningen aan weerskanten van zijn bek waar straks de twee zijden draden uitkomen die direct aan elkaar plakken en zo één draad vormen.

4 Tijd om de cocon te gaan maken. De rups spant enkele draden en in dit ‘hangmatje’ spint hij zijn cocon. Zijn kop en ook zijn hele lichaam maakt daarvoor steeds een beweging in de vorm van een lemniscaat (8).

In 2 tot 3 dagen tijd maakt hij zo zijn cocon van buiten naar binnen. Is de cocon klaar dan is er van de rups alleen nog maar een leeg omhulsel in de cocon over.

5 Dit omhulsel verandert in een chrysalide, een bruinachtig chitine pantser waarbinnen de vlinder ontstaat. Is de vlinder klaar dan spuugt hij een enzym tegen de binnenkant van de cocon. Die wordt daar dan zo zacht dat de vlinder door de opening naar buiten kan kruipen.

6 Mannetjes en vrouwtjes vinden elkaar op de geur en paren waarna het mannetjes sterft en het vrouwtje de eitjes gaat leggen. Na het leggen van de eitjes sterft ook de vrouwtjes vlinder.

Na 5-7 dagen komen de eitjes uit. Zo begint de cyclus dan weer opnieuw.

Wilde zijde

Het grootste deel (90%) van de zijdeproductie komt uit China en van de Bombyx Mori zijderups – Mulberry Silkworm. Zijde van andere rupsen dan de Bombyx Mori wordt wilde zijde genoemd.

\Het telen van wilde zijde gebeurt in de vrije natuur maar wordt volkomen door de mens geregisseerd. India is na China de grootste producent van wilde zijde. Vanya zijde is een benaming staat voor de wilde zijdes van India: Tussah, Eri en Muga. De term Peace Silk refereert aan zijde van de Eri zijderups. Deze (slimme) zijderups laat een gaatje open in haar cocon, waaruit de Zijdevlinder kan komen, zonder de cocon kapot te maken.

Het grappige is echter dat het vaak niet zover komt. De pop in de cocon wordt namelijk voor (veel) geld verkocht door de zijdeboeren. De pop levert namelijk meer op dan de zijde van de cocon.

Alle zijdes zijn biologisch

In feite zijn alle zijdes biologisch. Voor de zijdeteelt worden geen insecticiden of pessiciden toegepast. Van insecticiden gaan de zijderupsen dood. De rupsen eten enkel blad van de moerbeiboom. Wanneer deze moerbeibladeren bestrijdt worden met pessiciden dan eten de rupsen de bladeren niet en gaan dus ook dood. Geen rupsen betekent geen zijde, en dus geen geld voor de zijdeboeren. Zij zijn er dus enorm bij gebaat om goed voor hun cocons, rupsen en vlinders (inkomsten) te zorgen.

Water en verven

Voor de zijdeteelt is geen extra water nodig. Voor de productie van bijvoorbeeld katoen zijn 1000-en liters zoet water nodig. En zoet water hebben wij niet in overvloed op deze aarde, wel zout water. De moerbeibomen hebben naast het voeden van de rupsen ook een andere taak. Zij gaan de bodem erosie tegen, een groot probleem in China. De Chinese overheid betaald daarom subsidies aan zijdeboeren voor het kweken van moerbeibomen en zijde. Ook het bleken van de stoffen zoals bij katoen is niet aan de orde. Hooguit het verven van de stoffen.

Zijdar / Zijdewinkel.nl kiest ervoor om stoffen te laten verven in Europa. Wij importeren dus enkel natuurwitte, ongeverfde en ongebleekte zijden stoffen uit China. Dit gebeurt volgens de Ökotex-100 norm. Om te mogen voldoen aan deze norm moet een bedrijf o.a. aantonen dat er geen milieuvervuilende hulp- of verfstoffen gebruikt worden, dat het energiegebruik optimaal is en afvalwater en uitstoot goed verwerkt worden. Ook mag er geen sprake zijn van kinderarbeid, geen stof- en geluidsoverlast veroorzaakt worden en moeten medewerkers een veilige werkplek hebben. Onze geverfde zijdes hebben dus ook een hoger prijskaartje, echter betalen wij dit er graag voor gezien de strenge wet- en regelgeving in Europa waar wij grip op hebben. Geverfde stoffen uit India zijn vaak een goedkoper en ander verhaal. Daar kiezen wij heel bewust niet voor.

Wist je dat….?

Op 1 cocon zit tot wel 3000 meter zijden draad, wow! Op de foto hieronder zie je een afgehaspelde cocon met de hand.

Afhaspelen van cocons

Wat de rups als wonder der natuur heeft gecreëerd kun je met aandacht en geduld ook weer analyseren. Het kost wat tijd, maar het is erg leuk om te doen!

Wat je nodig hebt:

  • Cocons (ze moeten nog dicht zijn)
  • Pan en lepel om te roeren
  • Kookplaatje
  • Glazen pot
  • Schaar
  • Klein borsteltje of een tandenborstel
  • Vooral ook belangrijk: geduld…

Hoe je het doet:

1 De losse vlokzijde van de cocons halen.

2 Cocons 10 minuten koken. Doe dit heel voorzichtig en vooral niet te veel  tegelijk in de pan. Let op: de cocons mogen vooral niet in elkaar zakken.

3 Cocons een voor een uit het water halen. Als ze aan elkaar vast zitten dan met een schaartje losknippen en in een glas of bakje heet water doen.

4 Met het borsteltje of je vingertoppen voorzichtig over de cocon wrijven om de begindraad te vinden. In het begin blijven er enkele draden tegelijk vastzitten, maar door de borstel of je vingers met korte rukjes op en neer te bewegen blijft op enig moment de enkele draad hangen. Geduld is een schone zaak…

5  De zijden draad gaan afhaspelen. Houd je handen ongeveer 40 tot 50 cm uit elkaar en wind de draad in een 8-vorm om je handen.

6 Als het eenmaal lukt kun je ook de draden van meerdere cocons tegelijkertijd afhaspelen. Dan heb je meer resultaat van je werk.

7 Breekt er een draad, dan kun je de uiteinden eenvoudig een stukje over elkaar heen leggen zodat ze vast plakken en vervolgens verder gaan met afhaspelen.

8 Als je klaar bent, de streng in elkaar draaien om zo te bewaren totdat je het gaat gebruiken.

9 Het afhaspelen van een cocon is vooral grappig om te doen. Je kunt met het garen niet zo veel anders doen dan het in vilt-, spin- of breiwerk te gebruiken of als decoratie bij het maken van poppen of bijvoorbeeld corsages.

Tip: als je veel cocons wilt afhaspelen is een haspel molentje echt handig.